Technologische ontwikkeling als hefboom voor een circulaire economie

De gemeente Veere werkt hard aan een duurzaamheidsplan. In dat kader sprak Kees Jansen van www.pluraal.nl deze week in Domburg over steden, dorpen en duurzaamheid. Van oorsprong planoloog heeft hij zich gespecialiseerd in stedelijke technologie, circulaire steden en regio’s. Jansen  benadrukte de koppeling ‘smart’ en circulair’. Hoe gebruik je digitale oplossingen om naar een economie te komen waarin de ketens zijn gesloten?

Een succesvolle transformatie naar een circulaire economie speelt zich volgens Kees Jansen af in het gebied waar drie cirkels elkaar overlappen: duurzaamheid, techniek en economie. Je wilt de energiehuishouding thuis verbeteren en gaat isoleren. Dan ben je duurzaam bezig. Je gebruikt zonnepanelen en een warmtepomp om energie op te wekken. Je zet technologie in. En je zoekt naar slimme manieren om dat te financieren. Dat vraagt om een holistische benadering.  Je zoekt naar verbindingen om één duurzaam systeem te organiseren. Dat doe je op landelijke en internationale schaal en in je eigen regio. ,,Breng akkerbouwers samen met mensen uit de veeteelt en vissers en ga met mensen uit dorpen en kernen praten over wat je slimmer, beter en anders kan doen.” Dat gebeurt ook op stedelijk niveau. Een aantal steden, ministeries, kennisinstellingen en bedrijven tekenden onlangs een zogenoemde City Deal om de transitie naar een circulaire economie te versnellen.

Smart en circulair

Jansen bepleit aandacht voor de combinatie ‘smart’ en ‘circulair’. De technologische ontwikkeling gaat snel en laat je anders nadenken.  Techniek loopt vaak vooruit op de gebruiker. Dat laat filmer Frans Bromet mooi zien in een documentaire waarin hij mensen bevraagt over hun behoefte aan digitale telefonie. Jansen: ,,In 1998 was er nauwelijks iemand die behoefte had aan een mobiele telefoon. In 2013 was er bijna niemand meer die er géén had, maar vonden de meeste mensen het onzin om met een  4G netwerk in verbinding te staan… Nu 3 jaar later ‘heeft’ iedereen 4G.” De consumentenapparatuur van nu is veel beter dan de professionele van even geleden. Bedrijven en organisaties laten tegenwoordig steeds minder logge systemen op maat bouwen, maar maken gebruik van makkelijke vervangbare modules die ook voor consumenten toepassingen worden gebruikt.

In alle ontwikkelingen staat er tussen ons en de fysieke wereld steeds vaker een bepalende digitale cirkel. Daarin spelen sensoren een hoofdrol. Ze geven aan wanneer de prullenbak of vuilcontainer vol is zodat je ze ‘vraaggestuurd’ leegt. Maar ze monitoren ook de staat van de dijken. We kunnen met sensoren grote besparingen op energiegebruik boeken. Het stroomverbruik van een gemeente als Haarlem bestaat voor 47% uit openbare verlichting. Dat zou je dus heel anders kunnen en moeten organiseren. Maar technologie is middel, geen doel, zegt Jansen. ,,Het gaat om bewust worden en om ander gedrag. Dat richt je op het verbeteren van de leefomgeving. En daar kun je onder andere technologie bij gebruiken.” Jansen geeft aan hoe basisschoolleerlingen in Breda via een ‘chippo’ waarin een GPS-apparaatje zit, de waterstromen in de riolering konden volgen en zo leerden hoe de waterhuishouding werkt. Daar ligt een aanknopingspunt om anders met water om te gaan.

Om de omslag naar een circulaire economie te kunnen maken moet je volgens Kees Jansen op zes  borden schaken: ,,Energie, mobiliteit, openbare ruimte, gebouwen, de biologische productiecyclus en de technische productiecyclus.”  Hij verwijst naar de site van het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving) : http://www.pbl.nl/onderwerpen/circulaire-economie. Daar vind je veel achtergrondinformatie en een heldere definitie: ,,In een circulaire economie worden kringlopen gesloten en grondstoffen optimaal gebruikt. Met optimaal bedoelen we dan: de toepassing met de hoogste waarde voor de economie en de minste schade voor het milieu. Circulaire economie gaat verder dan recycling en afvalbeleid. Door een product anders te ontwerpen is vaak meer milieuwinst in de hele productketen mogelijk. En nieuwe verdienmodellen, waarbij wordt betaald voor gebruik in plaats van bezit van producten, zijn relevant om de transitie naar een circulaire economie te maken.”

De uitdaging is dit op te pakken en te vertalen naar actie in je eigen praktijk. Jansen: ,,80 tot 95% van de mensen interesseert het weinig. Die doen het alleen als ze het voelen in hun portemonnee. Maar de 5% die er wél mee bezig is kan een aardverschuiving veroorzaken. Het is belangrijk dat die elkaar vinden en versterken. De weg van 1 naar 5% is de moeilijkste… “

Dat sluit perfect aan bij de intentie van deze blog. Vanuit digitale uitwisseling naar fysieke ontmoeting en concrete actie. Die we vervolgens weer digitaal delen. En zo verder. Om van de 1 % die circulaire economie nastreeft tot die cruciale 5% te komen. Daarom is het ook belangrijk elkaar te laten weten waarmee we bezig zijn. Welke vragen we hebben en welke oplossingen we vinden. Reageer dus op het verhaal van Kees Jansen en vertel wat u er mee doet!

Nico Out

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

X

Pin It on Pinterest

X